AEGON

‘MEER AANDACHT VOOR INTERNATIONAAL VAKBONDSWERK’

Tekst Ronald de Kreij Beeld Jan Lankveld

Wendel Hofman: ‘Ik heb bericht ontvangen dat UNI Europa mijn suggestie gaat bekijken.’

Wendel Hofman pleit al jaren hartstochtelijk voor gelijke beloning van mannen en vrouwen. In 2018 bereikte ze haar doel bij Aegon, haar werkgever. Maar ze wilde meer: equal pay bij álle Aegon-vestigingen wereldwijd. Zover is het anno 2021 nog niet gekomen. Daarom herhaalt ze opnieuw haar pleidooi. Nu hoopt ze haar doel te bereiken via internationaal vakbondswerk.

Wendel Hofman is een ervaren kaderlid van FNV Finance bij Aegon. Ze werkt er als brandmanager en was lang vertegenwoordigd in de ondernemingsraad en de Europese ondernemingsraad van het concern. Ze haalde meerdere malen de kolommen van het FNV Magazine. Bijvoorbeeld in 2015 met een pleidooi voor versterking van de Europese medezeggenschap door de eor naast het wettelijk verplichte informatierecht ook volledig advies-, initiatief- en instemmingsrecht te geven (zie ook het artikel over Europese ondernemingsraden elders in dit e-magazine).

Ook schreven we over haar toen haar werkgever er in 2018 als eerste in Nederland mee instemde om volledig gelijke beloning voor mannen en vrouwen in de cao op te nemen. En korte tijd later weer, toen ze werd onderscheiden met de Karin Adelmund Prijs van de FNV voor haar jarenlange inzet voor gelijke beloning en kansen voor vrouwen. In juli van dat jaar trad ze toe tot het bestuur van de Nederlandse Vrouwen Raad, op voordracht van de FNV. En nu horen we weer van haar. Ze vindt dat er meer aandacht moet komen voor internationaal vakbondswerk.

UITDAGING

‘Inmiddels heb ik mijn plaats in de medezeggenschap bij Aegon aan anderen afgestaan, ook Europees’, steekt ze van wal. ‘Maar ik werk nog wel steeds bij hetzelfde internationaal opererende bedrijf. Bijna mijn hele carrière al. En ik realiseer me elke dag weer dat het ook juist voor de vakbonden een streven zou moeten zijn om over de grenzen te werken. Recent heb ik een mooie cursus daarover gevolgd bij de FNV.’

Ze prijst de manier waarop Aegon en de FNV binnen de landsgrenzen met elkaar omgaan. ‘Ze werken in co-creatie, wat betekent dat de cao geen eindresultaat is van ingewikkelde inzetbrieven en vervolgens moeizame onderhandelingen, maar van voorafgaand uitgebreid gezamenlijk overleg tussen vakbondsbestuurders, or-leden en vertegenwoordigers van het management. Uiteindelijk levert dat afspraken op over onderwerpen die de partijen gezamenlijk belangrijk vinden en waarover afspraken worden gemaakt in de cao.’

De gelijke beloning voor mannen en vrouwen bij Aegon noemt ze een mooi voorbeeld van deze co-creatie. ‘Maar des te frustrerender is het dat wij dat wel in Nederland voor elkaar hebben gekregen, maar bij de Aegon-vestigingen in andere landen niet. Waarom kunnen we zoiets niet internationaal afspreken? Het blijkt nogal lastig om de vakbond mee de grens over te krijgen.’

OP ACHTERSTAND

Wendel heeft zich in de materie verdiept en ziet, zoals ze zegt ‘een enorm versnipperd’ Europees vakbondslandschap. Dat maakt het lastig om ook op internationaal niveau te kunnen schakelen. Ja, er zijn wel vakbondskoepels, maar de talloze onderwerpen die op tafel komen krijgen uiteindelijk allemaal een lokale uitwerking.’

Hiermee zetten de bonden zich flink op achterstand, vindt ze. ‘Het is ook niet van deze tijd, waarin ondernemingen almaar groter worden en steeds meer internationaal gaan opereren. Eén bedrijf met vestigingen in tien of twintig landen onderhandelt met tien of twintig verschillende nationale bonden. Ervan uitgaande dat de bonden in al die landen een voet tussen de deur hebben weten te krijgen, want dat is nog lang niet overal het geval.’

SINGLE TOPIC

Haar idee voor internationaal vakbondswerk binnen Finance is niet nieuw, erkent ze. ‘Volgens mij is het zo’n zes of zeven jaar geleden ook al eens geopperd. Maar ik zit er praktisch in en ga voor een 'light' versie. Ik zou graag drie single topics willen benoemen die de vakbonden dan bij een of meer bedrijven internationaal vastleggen. Blijft daarvan uiteindelijk slechts één single topic over, dan ben ik toch al tevreden.’

Om haar ideeën handen en voeten te kunnen geven nam Wendel eind april samen met een brede vakbondsdelegatie deel aan een virtuele conferentie van de vakbondskoepel UNI Europa (de wereldwijde koepel heet UNI Global Union). ‘Daar merkte ik dat UNI Europa wel faciliteert, maar dat er geen afspraken worden gemaakt over collectief onderhandelen. Laat staan dat er één internationale onderhandelaar is. In het beste geval worden er richtlijnen opgesteld voor lokale bonden. Maar daarmee heb je nog geen grensoverschrijdende uniforme afspraken die ook in de cao’s terecht komen.’

Ze kreeg tijdens de conferentie kort de tijd om het woord te voeren en heeft bij die gelegenheid de vraag neergelegd of, en zo ja hoe dan het beste internationaal vakbondswerk van de grond getild kan worden. ‘Ik hoop dit in een gesprek met UNI toe te lichten. Inmiddels heb ik bericht ontvangen dat UNI Europa mijn suggestie gaat bekijken, dus wordt vervolgd!’

‘HET BLIJKT LASTIG OM DE VAKBOND MEE DE GRENS OVER TE KRIJGEN’

Deel deze pagina