VERZEKERAARS

VERSCHILLEN VAST-FLEX IETS KLEINER

Tekst Ronald de Kreij Beeld Willem Jan Ritman, FNV

DOEL VAN DE WERKCODE IS EEN GELIJK SPEELVELD OP DE ARBEIDSMARKT CREËREN

Deze maand december is het twee jaar geleden dat de verzekeraars Achmea, a.s.r., ING, NN en VGZ samen met de vakbonden De Unie, CNV Vakmensen en FNV Finance een zogenoemde Werkcode hebben afgesproken. Doel hiervan: de verschillen verkleinen tussen medewerkers in vaste dienst en mensen met een onzeker (uitzend-) contract. Wat is de opbrengst van de Werkcode tot nu toe?

FNV Finance-bestuurder Aukje Falger draait er niet omheen. ‘Ik ben half positief over de resultaten die tot dusver met de Werkcode zijn geboekt. De eerste stappen zijn gezet, maar het kan nog altijd beter.’

Voor een goed begrip: de code behelst onder meer afspraken over gelijke beloningen voor vast en flex, dezelfde toegang tot de arbeidsongeschiktheidsverzekering en vergelijkbare pensioenen. Korter samengevat: een goede en gelijke omgang met álle werkenden. Ook staat in de code dat alle bijbehorende afspraken hierover binnen drie jaar worden verwerkt in de cao’s. Er is nu dus nog één jaar te gaan.

ACHMEA-CAO ALS BASIS

De basis van de Werkcode is terug te voeren op de toenmalige cao van Achmea. Daarin was vastgelegd dat in het congrescentrum van de verzekeraar een bijeenkomst diende te worden georganiseerd om te komen tot een 'werkbeweging' die op basis van enkele vastgelegde uitgangspunten een gelijk speelveld op de arbeidsmarkt moest realiseren.

De sfeer op dat congres zat er goed in. De aanwezigen hadden het gevoel dat er iets gebeurde wat de discussie over één arbeidsmarkt daadwerkelijk verder kon brengen. In aanloop naar de bijeenkomst hadden ING, NN, a.s.r. en VGZ zich in hun cao’s ook aangesloten bij het initiatief. Op de bijeenkomst zelf werd nog bekendgemaakt dat ook de cao Verzekeringsbedrijf dit zou gaan doen. Op basis van de publiciteit die het congres opleverde, meldden korte tijd later ook andere sectoren dat ze belangstelling hadden.

VERGEWISBEPALING

Falger constateert dat de uitwerking van de Werkcode in de cao’s van de deelnemende verzekeraars nogal verschilt. ‘Maar verwonderlijk is dat niet’, zegt ze. ‘De ene partij werkte al langer aan gelijke rechten voor flexkrachten, terwijl de andere daarmee pas van start is gegaan na de ondertekening van de code. Daarmee heeft de een dus nog een langere weg te gaan dan de ander. Maar het feit alleen al dat we de afspraken vastleggen in de cao werkt stimulerend. Daarmee laat je aan de buitenwacht zien aan welke afspraken je je hebt gecommitteerd. Dat schept verplichtingen waar je niet eenvoudig onderuit kunt.’

Opvallend is dat in veel cao’s – de cao Verzekeringsbedrijf is in de tussentijd inderdaad aangehaakt bij de Werkcode, evenals Aegon – afspraken staan over de zogenoemde Vergewisbepaling. Dit betekent dat de verzekeraar zich verplicht om zich ervan te vergewissen of de uitzendbureaus van de ingeleende uitzendkrachten zich houden aan de beloningsafspraken zoals die in de cao staan. Anders gezegd: of de flexkrachten voor hetzelfde werk dezelfde vergoeding ontvangen als de vaste krachten.

‘Dit is winst’, aldus Falger. ‘Maar ook hiermee zijn we er nog niet. Niet iedere uitzendkracht krijgt bijvoorbeeld ook een dertiende maand uitbetaald. Dat is een volgende stap die nog gezet moet worden.’

Hoe kunnen die benodigde vervolgstappen gezet worden? ‘Precies op de manier zoals we nu al werken’, zegt de vakbondsbestuurder. ‘Door er afspraken over te maken en die op te nemen in de cao’s. Dat proces vergt veel overleg en daarmee tijd. Maar doen we het niet, dan verandert er ook niets. Dankzij de Werkcode komen we in ieder geval in kleine stapjes van niets tot iets.’

Vakbondsbestuurder Gerard van Hees tekent namens FNV Finance in 2019 voor de start met de Werkcode.

Aukje Falger: ‘… half positief over de resultaten tot dusver…’

EEN GREEP UIT DE AFSPRAKEN

Het voert te ver om alle afspraken die uit de Werkcode voortvloeien en die per cao nogal kunnen verschillen, hier op te sommen. Falger heeft ze voor haar eigen overzicht in korte puntjes samengevat en komt alleen al daarmee tot ruim drie A4-tjes. Een greep niettemin uit die afspraken:

  • Ook uitzendkrachten ontvangen de working@home toeslag (VGZ)
  • Uitzendkrachten hebben recht op gerichte opleidingstrajecten en gelijke kansen bij instroom op vaste functies (a.s.r.)
  • De inlenende werkgever neemt goed opdrachtgeverschap gericht op arbeidsvoorwaarden, duurzame inzetbaarheid en ontwikkeling mee in het selectietraject van uitzendbureaus (cao Verzekeringsbedrijf)
  • Uitzendmedewerkers zijn volwaardig onderdeel van het team waarin zij werken, ontvangen een kerstpakket en andere team incentives, en doen mee met zaken als teambuilding en teamuitjes (Achmea)
  • Het opleidingsbudget voor uitzendkrachten wordt verhoogd tot 400 euro per persoon per jaar (ING)
  • De verzekeraar creëert meer bewustzijn voor pensioen en/of arbeidsongeschiktheid (Aegon)
  • De verzekeraar zal vanuit diens werkgeversverantwoordelijkheid in beginsel de langdurige inzet van externen beperken en geen gebruik maken van payroll-achtige constructies (NN).

Deel deze pagina